Fiscaal beleid in het coalitieakkoord: dit zijn de belangrijkste plannen

Welke belastingmaatregelen wil de nieuwe coalitie invoeren, aanpassen of juist ongemoeid laten? Hieronder de belangrijkste fiscale voornemens, inclusief de bijbehorende bedragen.

Brandstof en mobiliteit

De verlaging van de benzineaccijns blijft tot en met 2027 van kracht. Voor deze maatregel wordt eenmalig 900 miljoen euro uitgetrokken. Daarnaast onderzoekt het kabinet een hervorming van de motorrijtuigenbelasting, mogelijk gebaseerd op voertuigoppervlak of -omvang, onder de voorwaarde dat automobilisten er financieel niet op achteruitgaan. Voor andere brandstoffen worden accijnsverhogingen overwogen.

Elektrisch rijden en alternatief vervoer

De coalitie wil elektrisch rijden fiscaal aantrekkelijk houden en de laadinfrastructuur verder uitbreiden. Ook het gebruik van deelauto’s, de fiets en het openbaar vervoer wordt gestimuleerd. Concrete fiscale maatregelen of budgetten worden nog niet genoemd. Dit terwijl eerdere voordelen voor elektrische auto’s juist zijn afgebouwd, zoals het verdwijnen van de BPM-vrijstelling, de afbouw van de vrijstelling in de motorrijtuigenbelasting en de stijging van de bijtelling voor zakelijke rijders.

Box 3: focus op lange termijn beleggen

Het nieuwe box 3-stelsel op basis van werkelijk rendement wordt verder ontwikkeld richting een vermogenswinstbelasting. Beleggers gaan dan pas belasting betalen bij verkoop van hun beleggingen en alleen over de gerealiseerde winst. Hierdoor komt het huidige wetsvoorstel voor een aanwasbelasting, dat per 2028 zou moeten ingaan en nu in de Tweede Kamer ligt, mogelijk opnieuw ter discussie te staan.

Lagere vermogensgrens zorgtoeslag

Vanaf 2028 worden de vermogensgrenzen voor de zorgtoeslag gelijkgetrokken met het heffingsvrije vermogen in box 3. In 2026 ligt de grens nog op 146.011 euro voor alleenstaanden en 184.633 euro voor fiscale partners. Deze bedragen worden verlaagd naar respectievelijk 59.357 euro en 118.714 euro. Hierdoor zullen minder mensen met vermogen recht houden op zorgtoeslag. De invoering kost vanaf 2027 structureel 5 miljoen euro per jaar aan uitvoeringskosten, maar levert op termijn circa 300 miljoen euro aan besparingen op.

Meer investeren in Nederland

De coalitie wil het voor Nederlanders aantrekkelijker maken om te investeren in de Nederlandse economie. Er komt een EU-beleggingsrekening waarmee fiscaal voordelig kan worden belegd in lokale projecten. Ook wordt een zogenoemde win-win-lening, naar Vlaams voorbeeld, onderzocht. Over de kosten of opbrengsten van deze maatregelen zijn nog geen ramingen bekend.

Vrijheidsbijdrage voor veiligheid

Voor extra investeringen in veiligheid en Defensie wordt een zogenoemde vrijheidsbijdrage ingevoerd. Voor burgers gebeurt dit via de inkomstenbelasting, wat op termijn meer dan 3 miljard euro per jaar moet opleveren. Bedrijven dragen circa 1,7 miljard euro bij via een taakstellende verhoging van de arbeidsongeschiktheidsfonds-premie. Samen gaat het om ongeveer 5 miljard euro per jaar.

Hypotheekrenteaftrek blijft ongewijzigd

De hypotheekrenteaftrek en de fiscale behandeling van de eigen woning blijven ongewijzigd. Volgens de coalitie is dit nodig om rust op de woningmarkt te behouden. Er is niet doorgerekend wat een verdere afbouw van de hypotheekrenteaftrek zou hebben opgeleverd.

Stimulans voor particuliere verhuur

De overdrachtsbelasting voor particuliere investeerders in woningen wordt verlaagd van 8 procent naar 7 procent. Deze maatregel gaat in vanaf 2028 en kost de schatkist naar verwachting 84 miljoen euro per jaar. Het doel is het investeringsklimaat op de huurmarkt te verbeteren en het aanbod van huurwoningen te vergroten.

Ondernemen en innovatie

De coalitie kiest voor een stabiel fiscaal vestigingsklimaat. De WBSO wordt uitgebreid, met extra aandacht voor innovatie, AI en technologie. Regelingen zoals de Innovatiebox en de expatregeling blijven behouden. Ook wordt onderzocht of de EIA, MIA en VAMIL kunnen worden samengevoegd tot één investeringsregeling. De bedrijfsopvolgingsregeling en doorschuifregeling worden niet versoberd en kredieten voor het mkb, zoals de BMKB, blijven bestaan. De vennootschapsbelasting wordt niet verhoogd. Tegelijk wordt beloofd de WBSO en de werkkostenregeling eenvoudiger te maken en de administratieve lasten te verlagen.

Aandelenbeloning voor startups

Startups en scale-ups moeten medewerkers eenvoudiger kunnen belonen met aandelen en aandelenopties. Daarnaast wordt gewerkt aan ruimere fiscale mogelijkheden voor financiële medewerkersparticipaties. Ook komt er via een nieuw op te richten investeringsinstelling meer durfkapitaal beschikbaar.

BTW-verhoging sierteelt

Het lage btw-tarief voor de sierteelt wordt afgeschaft. Vanaf 2028 geldt het hoge btw-tarief van 21 procent in plaats van 9 procent. Deze maatregel levert naar verwachting 328 miljoen euro per jaar op en kan leiden tot hogere prijzen voor bloemen en planten.

Suikertaks

Vanaf 2030 wordt een suikertaks ingevoerd op voorverpakte producten met een suikergehalte van 6 procent of meer. De opbrengst wordt geraamd op 850 miljoen euro per jaar. In de eerste jaren zijn er uitvoeringskosten van ongeveer 50 miljoen euro per jaar.

Zorg: hoger eigen risico

Het eigen risico in de zorg gaat vanaf 2027 omhoog met 60 euro, van 385 euro naar 445 euro. Daarnaast worden bepaalde vergoedingen, zoals voor steunzolen, gehoorapparaten, reiskosten en specifieke medicatie, geschrapt. Dit kan 618 miljoen euro opleveren. Het niet verlagen van het eigen risico levert daarnaast een structurele besparing op van 4,7 miljard euro. Lage inkomens worden gecompenseerd via een hogere zorgtoeslag.

Bezuinigingen op WMO en sociale zekerheid

Huishoudelijke hulp via de WMO wordt afgeschaft voor mensen met een hoger inkomen, wat een besparing oplevert van circa 435 miljoen euro. De WW-duur wordt verkort van twee jaar naar één jaar, waarbij de uitkering in de eerste twee maanden stijgt naar 80 procent. Deze maatregel levert op termijn ruim 1,3 miljard euro op. Daarnaast worden de re-integratiemiddelen verlaagd, wat nog eens 100 miljoen euro scheelt.

Transitievergoeding en arbeidsongeschiktheid

De compensatie voor de transitievergoeding na twee jaar ziekte wordt afgeschaft, wat op termijn 262 miljoen euro oplevert. Daarnaast vervalt vanaf 2030 de IVA-uitkering voor nieuwe instromers. Ook worden strengere voorwaarden gesteld aan herbeoordelingen en wordt gewerkt aan taakverdeling bij sociaal-medische beoordelingen. Dit moet structureel ruim 1,1 miljard euro opleveren.

Lagere uitkeringen voor hogere inkomens

Het maximum dagloon voor alle relevante uitkeringsregelingen wordt per 2029 met 20 procent verlaagd. Hierdoor krijgen hogere inkomens een lagere uitkering. De besparing wordt geraamd op ruim 800 miljoen euro per jaar.

Pensioen en AOW

Vanaf 2033 wordt de AOW-leeftijd direct gekoppeld aan de stijgende levensverwachting, waarbij rekening wordt gehouden met zware beroepen. Deze maatregel levert naar verwachting 2,7 miljard euro op. Daarnaast wordt het maximum pensioengevend loon per 2027 voor een periode van zes jaar bevroren op 137.800 euro, waardoor de pensioenopbouw voor hogere inkomens minder wordt gesubsidieerd.

Kinderregelingen samengevoegd

De kinderopvangtoeslag en het kindgebonden budget worden samengevoegd tot één regeling. Het vaste bedrag wordt verhoogd en het inkomensafhankelijke deel verlaagd, met als doel dat alle gezinnen erop vooruitgaan. De kosten van deze maatregel bedragen ongeveer 600 miljoen euro per jaar.

Politieke onzekerheid

Of deze plannen daadwerkelijk worden uitgevoerd, hangt af van steun van andere partijen. Het minderheidskabinet start vanaf volgende week onderhandelingen met de oppositie.